Uilen, velduilen, steenuilen

Uilen

Als uilen overdag op een boomtak zitten zijn ze haast niet te zien, dit komt door hun schutkleur.
De ogen van een uil staan, net als bij de mens, voorin de kop zo kan de uil diepte zien en zijn prooi in de gaten houden.

Uilen vliegen ‘s nachts, maar ook in de schemering. De kleur van de ogen geeft aan wanneer hij vliegt. Uilen met gele ogen jagen bij daglicht, uilen met oranje ogen jagen in de schemer en een uil met donkerbruine ogen jaagt ‘s nachts.

Iedere uil kan zijn kop 270 graden draaien zodat hij om zich heen kan kijken zonder zijn lichaam te bewegen. De ogen kunnen niet naar links en rechts draaien.

Ik heb de mogelijkheid gehad om een aantal Steenuilen vanuit een hut te fotograferen, wat een geweldige ervaring is dat zeg. 

Klik op een foto naar keuze in de gallery om hem in groter formaat te bekijken

of ga terug naar de
Dieren Pagina

Steenuilen

De Steenuil is een kleine uil van ongeveer 22cm met felle gele ogen en witte wenkbrauwstrepen, het is de kleinste uil uit de Benelux. De Steenuil is ook dikwijls overdag actief en is te zien op knotwilgen of weidepaaltjes, te genieten van het zonnetje.

Het voedsel van de Steenuil is aangepast aan zijn grootte, hij pakt wel muizen als hij kan, maar ook veel regenwormen, kevers en andere insecten, soms zelfs kikkers. Hij heeft verschillende jacht technieken, loeren vanaf een paaltje, over de grond lopen en rennen of jagen vanuit een lage vlucht.

De Steenuil heeft het liefst een landschap met weilanden, knotwilgen, fruitbomen en oude schuurtjes. Bloemrijke weilanden zijn een echt muizen en regenworm paradijs, dus daar vind hij veel voedsel.
Knotwilgen, fruitbomen en schuurtjes hebben dikwijls holletjes waarin de Steenuil zijn jongen groot kan brengen. Hagen en houtkanten zijn plaatsen waar hij zich kan verschuilen.

Bosuilen

Bosuilen komen algemeen voor in bossen, parken en tuinen. Bosuilen jagen vrijwel ‘s nachts en in de schemering. Overdag houden ze zich schuil in de top van een boom.
Toch zijn ze soms ook overdag te zien als ze geplaagd worden door kleine vogels die de bosuilen proberen te verjagen.

Het voedsel van de bosuil bestaat voornamelijk uit muizen, maar ook andere kleine zoogdieren en vogels worden gegeten. De onverteerbare delen van zijn prooien worden in de vorm van braakballen uitgebraakt.

Sperweruil

De Sperweruil is een uil van gemiddelde afmetingen. De term Sperwer in zijn naam refereert aan de vorm van zijn vleugels en aan zijn lange staart die aan de Sperwer doen denken.

De Sperweruil heeft een ronde kop met gele ogen, hij wordt 36 tot 41 cm groot. Hij heeft een voorkeur voor bossen waar grote open plaatsen in voorkomen.
Zijn nest bouwt hij in holle bomen of hij gebruikt een verlaten nest van een andere grote vogel.

De Sperweruil is overwegend overdag actief, hij voedt zich met muizen en andere kleine knaagdieren. In Nederland is de Sperweruil een zeldzame dwaalgast. Er zijn tussen 1900 en 2014 vier maal Sperweruilen waargenomen.

Oehoe

De Oehoe is 60 tot 75 cm lang en heeft een spanwijdte van 160-188 cm.
De maximale leeftijd is 75 jaar. Kenmerkend aan de Oehoe zijn de grote ogen en de vaak te lange oorpluimen.

De oogkleur varieert van felgeel tot vuur-oranje. Oehoes zijn, in tegenstelling tot ander uilen, niet dagblind, en zien dus ook goed overdag.

Door de combinatie van een bijzonder goed gehoor en zicht kan de Oehoe kleine prooien van veraf opsporen. Houtduiven, muizen, ratten, egels en kraaiachtigen vormen het voornaamste basisvoedsel van de Oehoe.

Ransuil

De Ransuil komt voor in bosachtige gebieden met naaldbomen en open terreinen. In de winter verblijven de Ransuilen graag in elkaars gezelschap.
In hun roestplaatsen, in naaldbomen, struiken, knotwilgen of wilde hagen, rusten ze soms in grote groepen tot wel 100 exemplaren.
Opvallend aan het uiterlijk van de Ransuil zijn met name zijn lange oorpluimen, wat overigens geen echte oren zijn. De ogen zijn oranje-geel.

Verwarring met de Oehoe, die ook oorpluimen heeft is mogelijk, maar de Oehoe is aanzienlijk groter dan de Ransuil.
Net als de meeste uilen is ook de Ransuil vooral actief als het donker is.
De ransuil jaagt op knaagdieren en rustende vogels.

Velduil

De Velduil is in Nederland een zeer schaarse broedvogel. Het leefgebied van deze uil bestaat uit moerassen, graslanden en agrarisch cultuurland.
Om de drie jaar bereikt de muizenstand een hoogtepunt, alleen in deze jaren broedt de velduil. Het nest wordt op de grond gebouwd in een ondiepe kuil, waarin het vrouwtje 4 tot 7 witte eieren legt.

De Velduil is ongeveer 38 cm groot en 200 tot 500 gram zwaar.
De Velduil is gespecialiseerd in de jacht op kleine knaagdieren zoals muizen, dit gebeurd overdags.

De rug is donker met talrijke vaalwitte vlekken. Doordat ook de buik en de onderzijde vaalwit zijn, maakt deze uil met name in de vlucht een lichte indruk.
 De grote kop bevat een opvallende ronde gezichtssluier, felgele ogen en twee korte oorpluimpjes.